Schrijven zoals je praat, spreektaal op je website

Sinds de bouw van mijn allereerste website, eind jaren 90, pas ik het toe: schrijven zoals je praat. Daar hadden sommigen toch wel moeite mee, maar uiteindelijk is gebleken dat dit de beste manier is om je doelgroep aan te spreken. Je creëert teksten die lekker weglezen en de bezoeker persoonlijk aanspreken.

Het verschil tussen spreken en schrijven

Wanneer je tegenover iemand staat is het vaak makkelijk om iets uit te leggen. De woorden rollen als vanzelf uit je mond. Telefonisch heb je misschien wat meer moeite om het gesprek gaande te houden. Dit komt omdat je niet ziet hoe de ander op jou reageert.

Het moeilijkst is om een gesprek op papier of digitaal te voeren. Via een chatsessie is dit nog te doen, je krijgt immers respons. Maar wanneer je blogt of een tekst voor je website schrijft, dan beginnen de problemen pas echt. Je voert een eenzijdig gesprek waarbij je niet weet wie jouw tekst leest. Is het een hij of een zij, hoogopgeleid of de voorkeur voor simpele teksten? Moet je die persoon met u of jij aanspreken, en hoe lang is zijn of haar aandachtsboog?

Wil je meer verkeer naar je website of bekendheid opbouwen?

Hoi, ik ben Bianca en help websites doorgroeien. Zal dit jouw website zijn?

Doe normaal, schrijf zoals je spreekt

Wanneer je twijfelt over de schrijfstijl dan is er maar één oplossing: schrijf zoals je spreekt. Gebruik je in het dagelijks leven een aantal favoriete uitspraken? Verwerk ze in teksten, dit maakt het veel persoonlijker. Spreek je mensen normaal met jij of je aan? Gebruik dan zeker geen ‘u’ in je teksten.

Oftewel: doe normaal, wees jezelf. Omdat schrijven zoals je praat voor velen nog lastig is vind je hieronder 10 nuttige tips.

1. Stop met dat ge-u

Goedemiddag meneer, wenst u meer informatie over ons product? Hartstikke beleefd, maar eigenlijk ook oubollig. De meeste mensen gebruiken in het normale leven geen u. Waarom ze dit dan wel op websites doen? Waarschijnlijk omdat ze denken omdat dit zo hoort.

Feit: u is beleefder en vooral ouderen vinden het prettig wanneer ze met u worden aangesproken. Dus wanneer ouderen je doelgroep zijn dan moet je dit zeker toepassen. De bezoeker met ‘je’ aanspreken creëert minder afstand en geeft een gevoel van gelijkheid.

2. Maar, en, dus

Je hoort vaak dat je geen zin met voegwoorden zoals ‘maar’ of ‘en’ mag beginnen. Het klopt dat je binnen het zakelijk leven liever geen zinnen met een voegwoord begint. Vind je een informele communicatie prettiger, dan mag het juist weer wel. Dus: gewoon doen als dat voor jou prettiger voelt.

Tip: een zin met een voegwoord beginnen kan de vorige zin meer kracht bijzetten. Bijvoorbeeld: “Zonnepanelen besparen op de energierekening. En het is beter voor het milieu”. Die laatste zin komt veel krachtiger over dan wanneer je van die twee zinnen één zin zou maken.

3. Korte zinnen, maar niet te vaak achter elkaar

Sommigen vinden het een sport om zo lang mogelijk zinnen te maken. Zo zag ik eens bij een tekstschrijver een zin die uit meer dan 40 woorden bestond. Knap staaltje werk, al was het heel lastig om je hier doorheen te worstelen.

Korte zinnen lezen veel prettiger. Dit houdt de aandacht erbij, je moet tenslotte de bezoeker zo lang mogelijk op je website houden. Wees wel voorzichtig met teveel korte zinnen achter elkaar. Wanneer een pagina uit alleen maar korte zinnen bestaat dan komt dit vrij simpel over. Probeer daarom lange en korte zinnen met elkaar af te wisselen.

4. Maak eens een grapje

Stel je voor dat je iemand op straat tegenkomt en je voert een kort gesprekje. Grote kans dat jij of die ander tussendoor een grapje maakt. Als ijsbreker of om de sfeer erin te houden. De volgende dag heb je overleg met je collega’s. Aan het einde van dat overleg is er altijd wel iemand die een grappige opmerking maakt. Hij of zij heeft de lachers op de hand.

Ook nu weer geldt: schrijf zoals je praat. Ben je zo iemand die tussendoor een grapje maakt, doe dit dan vooral in je tekst.

5. Ben je grofgebekt? Dat mag, maar wel met mate

Ik mag dan een goede tekstschrijver zijn, aan de andere kant kan ik ook grofgebekt zijn. Misschien komt dit door mijn Maastrichtse roots, we zijn verbaal heel sterk. In de beginperiode van deze website koos ik heel zorgvuldig mijn woorden uit. Tegenwoordig maakt het mij niet uit wat anderen van mij denken. Dat je af en toe zinnen als ‘die kop van jou’ of ‘potverdorie’ en misschien wel ‘shit’ in mijn teksten tegenkomt, dat hoort gewoon bij mij.

Grofgebekt zijn mag, maar vermijd vloeken. Gebruik zeker geen scheldwoorden in teksten. Mocht je twijfelen of je grofgebekt mag zijn in online teksten: uit onderzoek is gebleken dat mensen die meer vloeken eigenlijk heel eerlijk en integer zijn. Deze mensen filteren hun gevoelens niet, waardoor ze ook minder liegen. Shit, dat klinkt als mij!

6. Spreektaal is geen straattaal

Yo, ik rij met me waggie naar me osso. Ik ben skeer dus ik kan niet naar die toko. Hou je van straattaal dan weet je vast wat het betekent. Zo niet dan komt hier de vertaling:

Ik rijd met mijn auto naar huis. Ik ben blut dus ik kan niet naar het restaurant.

Straattaal gebruik je, en de naam zegt het al, op straat. Het is niet geschikt voor de gesproken taal, wat je doelgroep ook is.

7. Stel vragen

Wanneer je met iemand in gesprek bent dan stel je een of meerdere vragen. Niet alleen om erachter te komen wat de ander bedoelt, maar ook om je interesse te tonen. Schrijven zoals je praat betekent dat je ook vragen stelt. “Heb je vaker last van vermoeidheid?” Deze vraag toont niet alleen (persoonlijke) interesse maar zorgt er ook voor dat de lezer bij zijn probleem stilstaat. Dit motiveert om verder te lezen.

8. Houd rekening met het leesniveau

In Europa wordt het leesniveau (taalniveau) ingedeeld in verschillende categorieën. De basisgebruiker leest op niveau A1 of A2. De onafhankelijke én de gemiddelde gebruiker leest op niveau B1, soms op B2. Voor vaardige gebruikers is taalniveau C1 of C2 van toepassing.

Het grootste gedeelte van de bevolking leest op niveau B1 of geeft hier de voorkeur aan. Houd de teksten eenvoudig en neem zeker geen moeilijke woorden op.

9. Woorden inkorten

Wanneer je praat dan zeg je waarschijnlijk “hij heeft zo’n mooie auto”. Je zegt niet “hij heeft zo een mooie auto”. Zorg dat zinnen er natuurlijk uit zien. Kort woorden in door bepaalde klanken weg te laten, zoals je in het dagelijks leven ook zou doen.

10. Je bent niet aan het sms’en (of whatsappen)

Ondanks dat schrijven zoals je spreekt écht werkt, moet je het niet overdrijven. Stel een tekst zeker niet in SMS-taal op: “hgt, heb ff zitten w8en op je. Wrom was je r niet?” (Hoe gaat het, ik heb even zitten wachten op je. Waarom was je er niet?)

Het moge duidelijk zijn dat dit soort taal voor veel verwarring zorgt, zelfs bij jongeren die toch wel wat gewend zijn. Blijf als een professional overkomen, dit geeft een weerspiegeling van je autoriteit weer.

Bianca schreef meer dan 25.000 artikelen voor het internet. "SEO is mijn missie, ik help anderen om hoger in Google te komen". Met zoveel geschreven onderwerpen is ze het startpunt voor elke (nieuwe) website. Een opdracht plaatsen of meer weten over de voordelige tarieven? Vraag vandaag nog de tarievenkaart aan.